Tafeltennisvereniging Smash ’84 tikte in 2024 de leeftijd van veertig jaar aan. Een leeftijd die je als vereniging niet bereikt zonder trouwe, actieve leden. Jos Haenen valt voor Smash ’84 in die categorie. In het voorbije jaar vierde ook Jos zijn veertigjarig lidmaatschap, waarvoor hij op de aankomende ledenvergadering gehuldigd zal worden. Veertig jaar waarin niemand meer competitiewedstrijden speelde dan hij en waarin hij zonder het podium te pakken als stille kracht mee heeft gebouwd aan de vereniging. Hoog tijd voor een portret, ook omdat Jos’ verhaal zo onlosmakelijk verbonden is met de vereniging én met de gemeenschap eromheen.
Competitielid in hart en nieren
Hoe het komt dat Jos in zijn veertigjarig lidmaatschap tot zoveel wedstrijden komt, blijkt al snel wanneer we bij hem thuis in gesprek gaan. Competitie is hier het toverwoord. Sport is een rode draad in zijn leven en tafeltennis vormt daarin het constante middelpunt. Bij Luto in Tilburg leerde hij als jochie de basis van het spel. Niet lang daarna volgden de eerste competitiewedstrijden. Via het bedrijfsteam van zijn zwager belandde hij uiteindelijk bij Smash ’84 om daar nooit meer weg te gaan.
Wie Jos kent van de competitie, weet: hij staat niet puur voor de gezelligheid alleen aan tafel. Zijn speltype was jarenlang duidelijk: aanvallend, fel en altijd gericht op het maken van het punt. “Ik vind een punt dat ik zelf maak belangrijker dan een punt dat de ander weggeeft”, zegt hij. Dat typeert Jos als competitielid. Winnen is mooi, maar winnen met goed spel heeft voor hem meer waarde. Door de jaren heen veranderde zijn spel, noodgedwongen soms, door andere zalen, andere ballen of nieuwe puntentelling, maar ook bewust. Met de jaren kwam het inzicht dat ‘lekker spelen’ minstens zoveel voldoening geeft als de uitslag op papier.
Nog steeds speelt Jos competitie, ook al weet hij vaak vooraf al dat hij de underdog is. Qua sterkte zou hij wellicht in een lagere klasse behoren, toch wil hij maar al te graag meedoen. De competitie is voor hem de motor: de spanning, het samenspel, het streven om eruit te halen wat erin zit. Niet alleen bij tafeltennis trouwens! Jos en zijn echtgenote, die aanschuift bij ons gesprek, benoemen dat die competitieve instelling in het gezin zit ingebakken. Niet alleen in sport, maar ook in spelletjes als Rummikub en kaarten. Altijd met inzet, altijd om te winnen en zeker met veel plezier.
Vrijwilliger
Naast speler is Jos jarenlang een stille kracht binnen de vereniging. Daarbij kijkend voorbij wat hij zelf het liefste zou doen, maar vooral naar wat er nodig is binnen de vereniging. Acht tot tien jaar vervulde hij de rol van secretaris, onder vier verschillende voorzitters. Ook buiten officiële functies was Jos altijd bereid bij te springen: materiaal bijhouden en renoveren, helpen bij jubilea, klussen tijdens verbouwingen of meewerken aan clubkampioenschappen. Met een achtergrond in techniek en onderhoud draaide hij zijn hand niet om voor het bouwen van een nieuw materiaalhok, samen met enkele van de andere Smashers. Dat daarbij flink gebroken en verbouwd moest worden in de bestaande doucheruimte van de nieuwe sportzaal, houdt Jos niet tegen. “Als iets niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan”, is een uitspraak die hem daarbij typeert.
Het vrijwilligerswerk bij de vereniging paste in een groter patroon. Ook als burger neemt Jos zijn verantwoordelijkheid. Toen Jos stopte als secretaris bij Smash, maakte hij bewust ruimte voor ander vrijwilligerswerk. Niet omdat hij minder wilde doen, maar omdat hij elders meer mensen kon helpen. Niet 25 leden van de tafeltennisvereniging, maar 125 ouderen bij de Zonnebloem.
Jos, goedlachs, na een prachtig punt.
Betrokken burger
Jos’ betrokkenheid reikt daarmee ver buiten de sportzaal. Jos zette zich jarenlang in voor de Zonnebloem, waar hij twaalf jaar lang secretaris was en meewerkte aan maandelijkse activiteiten voor vele ouderen in onze gemeente. Het plezier dat hij zag bij de deelnemers was zijn beloning.
Na die periode stapte Jos over naar de Stichting Gered Gereedschap, waar hij tot op de dag van vandaag actief is. Oud gereedschap wordt daar opgeknapt en krijgt een tweede leven, vaak in ontwikkelingslanden. Voor Jos is het logisch: van huis uit is hij vakman, iemand die graag met zijn handen werkt. Van een roestig stuk ijzer weer iets bruikbaars maken geeft voldoening. Het idee dat het elders écht van waarde is, maakt het extra betekenisvol. Ook in kleinere dingen laat hij zijn maatschappelijke betrokkenheid zien: bezoekjes aan oud-collega’s, aandacht voor jubilea, even langsgaan voor een kop koffie en een goed gesprek. Geen grootse gebaren, maar trouwe nabijheid.
Veertig jaar, and counting
Jos heeft in veertig jaar tafeltennis veel zien veranderen: van spelen tot 21 punten naar 11, van kleine naar grote ballen, van oude zalen naar nieuwe. Teams wisselden, mensen kwamen en gingen. Jos is er nog altijd en nog even fanatiek als toen hij net begon.
Misschien is dat wel de kern van dit portret: Jos is iemand die blijft en daarbij investeert in de gemeenschappen waar hij onderdeel van uitmaakt. Of die gemeenschap nou Smash ’84 heet, zijn wijk, woonplaats of breder dan dat. Een man die speelt, helpt, repareert en organiseert. Niet voor de eer, maar omdat het nodig is en omdat hij er plezier in heeft.
Zijn veertig jaar lidmaatschap staat daardoor voor meer dan alleen aanwezigheid en competitie. Het staat voor inzet, loyaliteit en verbondenheid. Namens de vereniging: dank je wel, Jos. Voor de wedstrijden, de uren vrijwilligerswerk, de oplossingen als het lastig werd en de vanzelfsprekendheid waarmee je er altijd bent. En hopelijk blijven we je nog lang tegenkomen: achter de tafel, in de zaal, of gewoon met een goed verhaal en een glimlach.
