Een rally is altijd avontuurlijk, maar zeker als je in 19 dagen 6.500 kilometer aflegt. Roel Guntlisbergen en Bas de Poorter namen voor het goede doel deel aan de Balkan Express Rally. In hun Volkswagenbusje T3 uit 1981 navigeerden zij van Best naar Istrië (Kroatië) en terug door 14 landen. Het duo haalde hiermee 2.000 euro op voor Bijna Thuis Huis De Vlinder. Over hun rallyavonturen raken zij niet uitgepraat.
Door Lydia Notz
Op 18 augustus vertrokken de Be(a)stieboys uit Best en waren, zoals zij zelf dachten, goed voorbereid voor de rally. Twee dagen later arriveerden zij in het noorden van Tsjechië om daar op 21 augustus officieel te starten, alleen met een routeboek, zonder gps en navigatie en zonder het gebruik van snelwegen. Tijdens elke etappe kregen de deelnemers opdrachten zoals omrijden of het maken van bewijsfoto’s bij een bepaalde bezienswaardigheid. Het team dat de meeste opdrachten afrondde en de rally uiterlijk op 2 september uitreed, won.
Uit de dromen
“Al vóór de start waren wij uit de dromen geholpen”, vertelt Bas. “Wij deden nog inkopen toen wij zagen dat iemand achter ons enorm ging zwaaien. Pas toen zagen wij een grote rookwolk achter ons busje. Op het dashboard zag ik dat de temperatuur hoog opgelopen was. De koelvloeistof werd bijgevuld en zo konden wij alsnog starten, maar al snel stonden wij weer langs de kant van de weg met een lekke pakking. De moed zakte mij in de schoenen. Uiteindelijk is tot midden in de nacht het halve motorblok gereviseerd.” Die nacht sliepen zij maar vijf uur en de volgende dag legden zij in 13 uur 500 kilometer af. “De wegen daar zijn anders, dus de snelheid was laag. Onze dag bestond uit rijden, eten of slapen. Continu hielden wij de kaart in de gaten om niet te ver om te rijden”, aldus Roel.
Mooie routes
In Transsylvanië reden Roel en Bas door het Făgărașgebergte over een van de mooiste routes ter wereld. Met veel toeristen, souvenirverkopers en beren langs de weg ging het 1.500 meter de berg op. Bas: “Hier leerden wij ook een viertal Duitse jongens kennen waarmee wij vanaf toen optrokken. Afwisselend sliepen wij in onze bus, op een camping, in de hangmat en twee keer in een hotel.
De communicatie met andere teamleden en de organisatie verliep via verschillende apps. Behalve in Bulgarije waren de wegen overal verbazingwekkend goed. Om niet 100 kilometer om te moeten rijden, pakten wij soms kleinere wegen met hellingen van 20%. Verder in Bulgarije gingen wij de verkeerde kant op en kwamen in niemandsland bij de Servische grens terecht. Hier werd door de douaneambtenaren de hele auto ondersteboven gehaald. Gelukkig vonden zij niet mijn plastic zakje met bakpoeder dat ik had meegenomen om pannenkoeken te bakken.”
Kameraadschap
Roel: “Bij de grens van Bosnië met Kroatië zagen wij toevallig een verlaten militaire vliegtuigbasis in een berg waar wij helemaal doorheen reden. Vlak voor de finish begaf onze versnellingsbak het. Wij zijn naar het eerste stadje afgesleept en hoorden dat een nieuw type versnellingsbak 900 kilometer verderop in Hongarije verkrijgbaar was. Onze Duitse vrienden stapten spontaan in hun auto en reden meer dan 24 uur om voor ons het nieuwe onderdeel te halen. Zo konden wij alsnog twee dagen later op 2 september de finish halen. Hier stonden onze vrouwen ons op te wachten. Wij werden 27e van 136 teams. Onze Duitse helpers ontvingen een speciale prijs voor hun teamgeest.
Ons grootste cadeau was het mooie avontuur.”
